Oorsprong en geschiedenis
In dit geval weerspiegelt de naam van het ras werkelijk zijn oorsprong. Deze honden werden in België gefokt als werkhonden voor boeren en schaapherders. Tot het einde van de 19e eeuw was er geen orde in de fok en werden ze willekeurig en chaotisch gekruist, met als enige doel de gewenste werkaanleg te verankeren. Daar kwam pas verandering in met de oprichting van de Brusselse Club voor Belgische Herdershonden in 1891. Het ras werd volgens vachttype in drie typen verdeeld: korthaar, ruwhaar en langhaar. In de loop der jaren vermengden de varianten zich tot vandaag, waarbij we vier typen Belgische herder onderscheiden, vernoemd naar vier Belgische steden. De beide wereldoorlogen betekenden een enorme inzet van Belgische herders bij het leger: ze bewaakten munitiedepots, brachten berichten over en werden getraind als verdedigingshond. Voor de genenpoel was dat helaas een ramp — veel kwalitatieve honden kwamen om. Gelukkig lukte het de fok te herstellen, en de voorbije decennia beleeft het ras een grote bloei.
Karakter
Het zijn over het algemeen zeer actieve en levendige honden. Hun voorouders hebben hun de eigenschappen van een uitstekende bewaker nagelaten: waakzaam staan ze meteen klaar om hun menselijke roedel te verdedigen. Het is een ongelooflijk actieve en vitale hond die voortdurend energie uitstraalt. Ze houden van hun familie en zijn vriendelijk tegenover kinderen, maar houden niet van opdringerig gedrag. Het is een hond die een wisseling van eigenaar of omgeving erg moeilijk verdraagt. Hij werkt het liefst buiten en heeft lange, met training gevulde wandelingen nodig. Tegenover vreemden is hij wantrouwig, maar doorgaans niet agressief. Zijn snelle reacties tijdens de training zijn de reden waarom hij op sommige gebieden de voorkeur kan krijgen boven de forsere en tragere Duitse herder.
Voor wie is dit ras geschikt?
Gezien de behoefte aan intensieve training en permanente bezigheid is de Belgische herder beslist geen hond voor iedereen, en zeker niet voor een beginnende eigenaar. Die zou ervaring moeten hebben met de training en opvoeding van een werkhond. Optimaal is een vaste bezigheid en voldoende beweging, zoals verdedigings- of reddingstraining. Ook hondensporten als agility of flyball zijn geschikt. Het is een hond voor een actieve sporter, kynoloog of geleider die zijn potentieel optimaal weet te benutten. Bij een juiste opvoeding aan beide kanten is het een geschikte gezinshond met kinderen. Belangrijk is een zelfverzekerde, consequente aanpak waarbij de mens een gelijkwaardige partner is. Onvoldoende opvoeding kan tot gevaarlijk en problematisch gedrag leiden.
Algemene informatie
De Belgische herder is een middelgroot ras met een harmonieuze, slanke bouw en een langere, smalle snuit. Momenteel worden vier varianten onderscheiden, die verschillen in lengte, kleur en groeirichting van de vacht. De bekendste is de Mechelaar (malinois): korte, goudkleurige vacht met donkere aftekeningen en een zwart masker. Hierop lijkt de Tervuerense herder, die echter een langere vacht heeft. Zeldzamer zijn de langharige Groenendaeler met zwarte vacht en witte aftekeningen, en de Laekense herder met een korte, ruwe vacht in een kleur die op de malinois lijkt. Alle typen hebben een elegant en majestueus voorkomen.
Opvoeding en training
De opvoeding van een evenwichtige Belgische herder vraagt consequentie en een vaste hand van een liefst ervaren eigenaar, al vanaf puppyleeftijd. Werktraining is de optimale keuze. Wordt hij als gezinshond gehouden, dan moet hij absoluut vervangende mentale en fysieke bezigheid krijgen. Als zeer intelligente hond leert hij snel en voert graag commando's uit, vooral wanneer de juiste reactie met lof en een geschikte snack wordt beloond. Deze honden zijn niet vatbaar voor obesitas, dus naast trainingssnacks van gedroogd vlees (bijvoorbeeld Yoggies Trainingssnacks voor honden) zijn ook gebakken snacks geschikt, zoals de geliefde Yoggies Originele koekjes voor honden. Het is van nature geen vertrouwende hond, daarom is vroege socialisatie erg belangrijk; verwaarlozing daarvan kan uitmonden in een agressief dier dat zich moeilijk laat inpassen.
Veelvoorkomende aandoeningen
Hij behoort tot de vrij gezonde rassen; idiopathische epilepsie of degeneratieve gewrichtsaandoeningen kunnen voorkomen. Heupdysplasie, zo vaak voorkomend bij andere middelgrote en grote rassen, is bij de Belgische herder vrij zeldzaam.
Voeding
De Belgische herder behoort qua gewicht tot de middelgrote rassen, die voor een optimale ontwikkeling het best als volgt worden gevoed: na het spenen (tussen de 2e en 5e maand) 4 tot 5 keer per dag, van 5 tot 7 maanden 3 keer per dag, en vanaf de 7e maand 2 keer per dag. Door hun hyperactiviteit en hoge energieverbruik hebben deze honden meestal geen neiging tot obesitas. Bij gewrichtsaandoeningen kan de voeding worden aangevuld met gewrichtspreparaten, bijvoorbeeld Yoggies voor gezonde hondengewrichten met probiotica. Op lange termijn is ook rauwe voeding geschikt: Yoggies B.A.R.F. 100% vlees met probiotica.
Op zoek naar gezonde voeding voor uw Belgische herdershond?
Ontdek het complete Yoggies-assortiment: natuurlijk, zonder chemische toevoegingen.
Bekijk onze producten